Gratis test

Waar mag je jagen? Veertig hectare, het jachtplan en de WBE

Vak 1 · Wetgeving± 2 min lezenNagekeken september 2026

Met je jachtverlof op zak mag je nog niet zomaar overal jagen. Je hebt een terrein nodig, en dat terrein moet groot genoeg zijn.

Het jachtrecht

Jagen op andermans grond mag alleen met de uitdrukkelijke toestemming van de eigenaar of van wie zijn rechten heeft. Het recht om op een terrein te jagen heet het jachtrecht, en wie het heeft, de jachtrechthouder. Bij betwisting wint wie een schriftelijk bewijs kan voorleggen.

Het jachtterrein is het aaneengesloten terrein, uit een of meer percelen, waarop dezelfde jachtrechthouder, of groep jachtrechthouders, het jachtrecht heeft.

Grond van een gemeente, provincie of het gewest heeft eigen regels: het jachtrecht daarop wordt openbaar aanbesteed.

Veertig hectare, in één stuk

Met het geweer jagen mag alleen op een jachtterrein van minstens 40 hectare aaneengesloten. Op een terrein van 35 hectare mag je dus niet met het geweer jagen. Voor andere jachtvormen, zoals met een roofvogel of een fret, geldt geen minimum.

Wat de aaneenschakeling breekt, is in het decreet gesloten opgesomd:

  • een gewone weg, een niet-bevaarbare waterloop of een gewone spoorweg breekt ze niet;
  • een autosnelweg, een bevaarbare waterloop of een spoorweg breekt ze wel, zodra die met de bermen breder is dan 50 meter. Elk deel moet dan zelf 40 hectare halen.

Twee delen die alleen verbonden zijn door een strook waarin geen cirkel met een straal van 25 meter past, gelden ook niet als aaneengesloten. En in zo’n smal deel van een groot terrein mag je evenmin met het geweer jagen.

Waterwild: drie hectare water

Voor waterwild geldt een uitzondering. Op een terrein kleiner dan 40 hectare mag je met het geweer op waterwild jagen, als het terrein op dat moment minstens 3 hectare aaneengesloten water omvat waarop de jacht is toegestaan. Plassen die door een watergang verbonden zijn, tellen samen.

Niet naar een huis toe schieten

Binnen 150 meter van woningen of gebouwen mag je niet in hun richting schieten. De regel geldt voor hagel en kogel. Een schot dat van het huis wegwijst, mag wel. Die 150 meter is een wettelijk minimum, geen veilige afstand: een kogel draagt veel verder.

Het jachtplan

Elke jachtrechthouder dient een jachtplan in: een kaart van zijn jachtterrein. Een groene lijn trekt de buitengrens, rood gearceerd staan de percelen waarop hij geen jachtrecht heeft.

  • Het voorstel ligt elk jaar vóór 1 april bij de arrondissementscommissaris.
  • Die keurt het goed vóór 1 juli.

Staat hetzelfde perceel op twee plannen en hebben beide indieners een bewijs, dan krijgt wie het oudst geldende bewijs heeft het perceel.

De wildbeheereenheid

Een wildbeheereenheid (WBE) is een samenwerking van jachtrechthouders die hun terreinen samen beheren. Om erkend te worden, verenigt ze onder meer de terreinen van minstens vijf jachtrechthouders, samen minstens 1000 hectare, en heeft ze een goedgekeurd faunabeheerplan: het plan dat beschrijft hoe het wild beheerd wordt. Ook wie alleen jaagt, als onafhankelijke jachtrechthouder, heeft zo’n plan nodig.

Test jezelf3 vragen
U pacht een aaneengesloten jachtterrein van 35 hectare akker- en bosland zonder open water, en u hebt een geldig jachtverlof. Mag u er met het geweer jagen?

Toon het antwoord

Juist: C — Nee, want onder veertig hectare aaneengesloten is de jacht met het geweer verboden

Het geweer mag u alleen gebruiken op een jachtterrein waarvan het aaneengesloten stuk minstens 40 ha meet; met 35 ha blijft u onder die drempel, zodat de jacht met het geweer daar verboden is. Antwoord a is fout: het decreet hangt dat verbod aan de aaneengesloten oppervlakte van het terrein, en niet aan een aanmelding bij een wildbeheereenheid. Antwoord b is fout: de regel van 150 m gaat over de richting van uw schot — binnen die afstand mag u niet naar woningen of gebouwen toe vuren, wel ervan weg — en niet over de oppervlakte die voor het geweer vereist is. Voor waterwild geldt wel een eigen regel: ook op een kleiner terrein mag u die vogels met het geweer bejagen als er op het moment van de jacht minstens 3 ha aaneengesloten water ligt waarop jagen is toegestaan; wateren die door een natuurlijke of gegraven watergang verbonden zijn, tellen daarbij samen.

Twee blokken van uw jachtterrein liggen aan weerszijden van een gewone gemeenteweg. Wat betekent die weg voor de aaneenschakeling?

Toon het antwoord

Juist: B — Hij verbreekt ze niet

Het decreet somt uitputtend op wat de aaneenschakeling wel verbreekt, en een openbare of private weg staat er niet bij; hetzelfde geldt voor een niet-bevaarbare waterloop en voor een gewone spoorweg. Wat de aaneenschakeling wel verbreekt, is een autosnelweg, een bevaarbare waterloop of een spoorweg die met haar bermen breder is dan vijftig meter, en ook een versmalling waarin geen cirkel met een straal van vijfentwintig meter past. De optie die de weg de aaneenschakeling laat verbreken, past de regel van de autosnelweg toe op een gewone weg. De optie die de drempel bij vijfentwintig meter berm legt, haalt de twee getallen door elkaar: vijftig meter is de breedte van de doorsnijding, vijfentwintig meter is de straal van de cirkel die in de verbinding moet passen. Twee getallen, twee toetsen, en de vraag is telkens welke van beide u voor u hebt.

Op een terrein van 22 hectare met een grote vijver wilt u op waterwild jagen. Onder welke voorwaarde mag dat, ondanks de oppervlaktedrempel?

Toon het antwoord

Juist: B — Als het terrein op dat ogenblik drie hectare aaneengesloten bejaagbaar water omvat

Naast de algemene drempel van veertig hectare kent het decreet een eigen regel voor waterwild: op kleinere terreinen mag daarop gejaagd worden zodra het terrein op het ogenblik van de jacht een aaneengesloten wateroppervlakte van minstens drie hectare omvat waarop de jacht is toegestaan. Dat weerlegt meteen de optie die het watervoerend zijn het hele jaar door als criterium neemt, want de wet vraagt geen jaarrond toestand maar een oppervlakte op het juiste ogenblik. De optie die aansluiting bij een bevaarbare waterloop of een openbaar waterdomein volstaat te noemen, voldoet evenmin: het decreet vraagt geen ligging naast een waterloop, maar een aaneengesloten wateroppervlakte van drie hectare waarop de jacht is toegestaan op het ogenblik van de jacht.

Op het examen kost een fout antwoord een half punt, en een blanco antwoord niets.

Oefen verder met de gratis test