Zo werkt het jachtexamen
Twee examens bij het Agentschap voor Natuur en Bos: eerst de theorie, dan de praktijk. Pas met beide op zak vraag je een jachtverlof aan. Hieronder alles wat je moet weten vóór je begint.
Twee examens, in deze volgorde
Het jachtexamen heeft een theoretisch en een praktisch gedeelte, elk met drie vakken. Beide tellen hun vakken van 1 tot 3, dus «vak 1» is in de theorie wetgeving en in de praktijk de veiligheidsproef.
| Gedeelte | Vak | Minimum |
|---|---|---|
| Theorie | 1 · Wetgeving, 15 vragen | 50 % |
| Theorie | 2 · Fauna, 30 vragen | 50 % |
| Theorie | 3 · Jachtwapens en munitie, 15 vragen | 50 % |
| Theorie | samen, 60 vragen | 60 % van het totaal |
| Praktijk | 1 · Veiligheid, in twee onderdelen | 60 % per onderdeel |
| Praktijk | 2 · Schietproef met het hagelgeweer | 50 % |
| Praktijk | 3 · Schietproef met het kogelgeweer | 50 % |
Mag ik deelnemen?
Je bent minstens 17 jaar op de dag van het theoretisch examen. Er is geen diplomavoorwaarde en geen verplichte opleiding: het agentschap organiseert zelf geen cursussen.
Voor het praktisch examen gelden twee termijnen van drie jaar: je theorie is minder dan drie jaar oud, en voor de twee schietproeven is ook je veiligheidsproef minder dan drie jaar oud.
Je leest de vragen zelf en legt alle onderdelen zelfstandig af. Wie niet kan lezen of een handicap heeft, mag het examen mondeling afleggen, met een attest dat je bij de inschrijving meestuurt.
Voor de praktijk stuur je ook een uittreksel uit het strafregister mee, hoogstens twee maanden oud, en een attest van medische en psychische geschiktheid dat een arts invult. Bepaalde veroordelingen, onder meer voor een jachtmisdrijf of een misdrijf met geweld, maken de inschrijving ongeldig.
Inschrijven
Je schrijft in bij het Agentschap voor Natuur en Bos, via het e-loket. Wie geen Belgisch rijksregisternummer heeft, vraagt per e-mail een papieren formulier.
Formulier én betaling moeten binnen zijn vóór het einde van de inschrijvingsperiode. Daarna wordt niemand meer aanvaard, en het inschrijvingsgeld wordt nooit terugbetaald, ook niet met een medisch attest.
Waar en wanneer
Elk gedeelte wordt minstens één keer per jaar georganiseerd en minstens 30 dagen vooraf aangekondigd in het Belgisch Staatsblad, met de plaats, de datum, het uur en de uiterste inschrijvingsdatum.
In 2026 waren er voor de theorie twee sessies, eind april en eind mei. Het praktisch examen is er één keer per jaar, doorgaans in augustus.
Uiterlijk vijf dagen vooraf krijg je een persoonlijke oproeping. Neem die brief en je identiteitskaart mee: zonder beide mag je niet deelnemen.
Het theoretisch examen
Zestig meerkeuzevragen met drie keuzes, digitaal afgenomen: 15 over wetgeving, 30 over fauna en 15 over jachtwapens en munitie. De helft van het examen gaat dus over het wild. Bij fauna mogen foto's, tekeningen en opgezette dieren gebruikt worden.
Het agentschap stelt een oefenexamen met voorbeeldvragen ter beschikking. Wil je verder oefenen, met uitleg bij elk antwoord? Doe de gratis test.
Voor de vragen over fauna, in de kennisbank: grof wild herkennen, de zes uilen en sporen lezen.
Het praktisch examen
Eerst de veiligheidsproef, in twee onderdelen:
- Een hagelgeweer uit elkaar nemen en weer in elkaar zetten, de grendel van een kogelgeweer bedienen, beide wapens laden, ontladen en dragen, en een wapen met zijn munitie veilig opbergen.
- Op het terrein: een wapen dragen tijdens de jacht, er een hindernis mee nemen, afstanden schatten en ermee schieten.
Pas wie daarvoor slaagt, mag naar de schietproeven: tien keer op kleiduiven met het hagelgeweer, en tien patronen op een vaste schijf met het kogelgeweer, met of zonder steun.
Wanneer ben je geslaagd?
Theorie: minstens 50 % in elk vak én 60 % in totaal, dus 36 op 60. Een juist antwoord is 1 punt, een blanco antwoord 0, en een fout antwoord kost een half punt. Die aftrek staat in het examenreglement, dat de jachtexamencommissie elk jaar kan wijzigen: lees het reglement van jouw jaar.
Wat dat halve punt betekent voor gokken, rekenen we voor in Gokken of blanco laten?
Praktijk: 60 % voor elk onderdeel van de veiligheidsproef (12 op 20), en 50 % voor elke schietproef (10 op 20, twee punten per treffer).
Niet geslaagd?
Er is geen wachttijd en geen maximum aantal pogingen. Je schrijft opnieuw in en betaalt opnieuw.
In de praktijk blijft gedeeltelijk succes bewaard: voor een vak waarvoor je slaagde, krijg je een vrijstellingsattest. Bij je volgende poging leg je dat vak niet opnieuw af, en betaal je minder (€ 100 zonder veiligheidsproef, € 40 als je ook van één schietproef vrijgesteld bent).
Niet eens met je examen? Een betwisting over het verloop stuur je aangetekend naar het agentschap, uiterlijk een week na het examen. Een beroep tegen de beslissing van de jachtexamencommissie binnen veertien dagen na de verzending ervan. Tegen de beoordeling ter plaatse van één praktijkvak is geen beroep mogelijk.
Hoe lang blijft het geldig?
Tijdens het traject telt de termijn van drie jaar: je theorie geeft drie jaar toegang tot de praktijk, je veiligheidsproef drie jaar tot de schietproeven. Wacht je langer, dan leg je de theorie opnieuw af.
Het getuigschrift zelf heeft geen einddatum. Het vervalt alleen bij een veroordeling voor een overtreding van de jachtregels, of als je meer dan tien jaar geen jachtverlof of jachtvergunning meer kreeg in België, Nederland of Luxemburg.
Geslaagd in Wallonië (sinds 1998), Nederland, Luxemburg, Duitsland of Oostenrijk? Dat bewijs geldt ook voor een Vlaams jachtverlof. Voor Frankrijk gelden extra voorwaarden.